Wat is Actinium-PSMA?

De therapie

Een veelgebruikte alfa emitter is Actinium-225 (Ac-225). Wanneer dit Ac-225 gekoppeld is aan een stof die specifiek bindt aan PSMA op de tumorcellen, dan kan het Ac-225 de kankercellen waaraan het gebonden is kapot stralen. Alfa emitters geven dubbelstrengs DNA schade, anders dan de enkelstrengs DNA schade van bèta emitters. Alfa emitters zijn daarmee krachtiger in het bestralen van tumorcellen, maar ze geven ook meer bijwerkingen.

Bijwerkingen

De meeste gepubliceerde studies met Ac-225-PSMA therapie zijn uitgevoerd in uitbehandelde patiënten die al veel behandelingen gehad hebben. Er is slechts 1 studie uitgevoerd met in patiënten met hoog volume ziekte, die nog geen chemotherapie hadden gekregen. Uit studies is gebleken dat een dosis van 100 KBq Ac-225-PSMA per kg lichaamsgewicht een optimale dosis is, waarbij een maximaal effect gecombineerd wordt met tolereerbare bijwerkingen. Dit is ook de hoeveelheid die in alle studies met Ac-225-PSMA is gebruikt. De grootste studie met 40 deelnemers toont dat de helft van de patiënten dusdanige bijwerkingen had aan de speekselklieren, dat de therapie moest worden gestaakt. Echter, de verslagen over bijwerkingen verschillen sterk tussen verschillende publicaties. Zo meldt een studie uit Zuid-Afrika geen ernstige (graad 3 / 4) bijwerkingen aan de speekselklieren.

De nieren en het beenmerg lopen ook risico bij Ac-225-PSMA therapie. Geen enkele studie heeft echter graad 3 / 4 toxiciteit aan deze organen gemeld. Er zijn nog geen verslagen beschikbaar over de bijwerkingen op de lange termijn van Ac-225-PSMA therapie.

Leefregels

De regels bij Ac-225-PSMA therapie verschillen per land. Als alleen gekeken wordt naar de hoeveelheid straling die een patiënt uitstraalt na de therapie, dan is het niet nodig om in het ziekenhuis te blijven: alfa emitter straling heeft een dracht van slechts enkele micrometers en zal daarom niet buiten het lichaam van de patiënt komen. Er is dus ook geen gevaar voor naasten. Echter, het grootste deel van het Ac-225-PSMA verlaat het lichaam via de urine. Wanneer de patiënt thuis is zal de radioactieve straling via het toilet in het riool terecht komen. Het nadeel van de korte dracht van alfa emitters is dat ze heel moeilijk te meten zijn en daarmee lastig op te sporen. In Nederland zullen patiënten daarom 24 uur in het ziekenhuis blijven na injectie van de therapie. De radioactieve urine wordt daarbij opgevangen en opgeslagen in speciale tanks, totdat de radioactiviteit vervallen is. Zo komt het niet in het milieu terecht. Na 24 uur heeft meer dan 90% van de radioactiviteit het lichaam verlaten. De patiënt mag dan naar huis.